|
|
Een nieuwe screeningsmethode: de TVE (Tien vragen Extensie)
Hoe op systematische wijze een leervoorsprong op vlak van Wiskunde bij alle leerlingen in kaart brengen?
Door het afnemen van toetsen boven niveau kan men onderzoeken wat de leerlingen al weten van de leerstof die nog niet aan bod
kwam in de klas. Hierdoor kan men de reeds gekende leerstof en/of overbodige herhalingen schrappen en vervangen door
zaken waaruit de leerling wel iets opsteekt.
Dit systeem wordt wereldwijd gebruikt en altijd gaat er een screening aan vooraf om de leerlingen
te selecteren die
men boven niveau gaat toetsen. Voor sommige leerlingen zouden de toetsen immers te belastend zijn.
Ook zou het te veel tijd nemen om iedereen te toetsen.
Men neemt in ieder geval altijd de toetsen af bij leerlingen waarbij de leerkracht of de ouders een voorsprong vermoeden.
Maar daarnaast zijn er een heleboel leerlingen bij wie niemand een voorsprong zou verwachten.
Om hen ook in beeld te krijgen, ontwikkelde men allerlei systemen, bijvoorbeeld:
- Het SiDi-R protocol, dat we in ons stappenplan gebruiken voor deze eerste screening.
- Het selecteren van alle leerlingen die boven een bepaald percentiel zitten in de testen op hun huidig niveau.
Maar deze soorten screening zien vrij regelmatig leerlingen over het hoofd die toch een leervoorsprong hebben.
De vragen in SiDi-R houden bijvoorbeeld
slechts matig verband met schoolse voorsprong (met vragen als "Is geestelijk vroegrijp?" of "Heeft grote of diepgaande interesse?").
En lang niet alle leerlingen met een grote voorsprong zetten op het huidige niveau goede
prestaties neer. Zij komen niet in de hoogste percentielen, en niemand vermoedt daarom een voorsprong.
EduRatio ging daarom op zoek naar een betere screeningmethode, die minder leerlingen mist,
zonder dat er bij veel meer leerlingen toetsen moeten worden afgenomen.
Zo werd de TVE (Tien Vragen Extensie) ontwikkeld.
Een eenvoudig screeningsinstrument op basis van het leerlingvolgsysteem zelf. Men voegt voor alle leerlingen
10 vragen uit het LVS van een jaar hoger toe aan het reguliere LVS.
Aan het LVS Wiskunde M1 worden dan 10 vragen toegevoegd uit het LVS Wiskunde M2, aan het LVS Wiskunde M2 10 vragen uit het LVS Wiskunde M3, enzovoort.
Ook bij de kleuters uit de derde kleuterklas kunnen 10 vragen uit LVS Wiskunde M1 toegevoegd worden aan de toeters.
Maar natuurlijk voeg je niet zomaar willekeurig 10 extra vragen toe!
Onderaan deze pagina staan de nummers van de vragen uit LVS-VCLB Wiskunde, die als bijlage aan het gewone LVS op niveau moeten worden gegeven.
De eerste kolom bevat het nummer van de vraag die moet worden overgenomen.
Ter illustratie staat in de tweede kolom het percentage kinderen uit de normgroep dat in staat was om deze vraag correct te beantwoorden.
Als een kind uit het eerste leerjaar bijvoorbeeld vraag 2 afkomstig uit LVS M2 correct beantwoordt, dan kun je aflezen (in tabel 2 hieronder) dat 50% van de kinderen uit de normgroep die vraag correct beantwoordden.
Dat kind uit het eerste leerjaar zou dus een vraag kunnen beantwoorden waarover het nog geen les kreeg, en waarop slechts de helft van de kinderen in het hogere leerjaar kunnen antwoorden, ook al kregen
zij er wel les over.
We kozen telkens de tien moeilijkste vragen uit elk onderdeel van het LVS, behalve wanneer minder dan 40% van de leerlingen in de normgroep de vraag correct kon beantwoorden.
Uit onze testen is gebleken dat men best alle leerlingen boven niveau toetst, die minstens 5 van de 10 extra vragen juist beantwoordden.
|
Om het scholen makkelijk te maken, heeft EduRatio deze vragen voor elke klas reeds samengebracht op een enkele bladzijde per leerjaar.
Deze zes bladzijden (een voor de derde kleuterklas en een voor elk van de leerjaren 1-5) kunnen gratis bekomen worden.
Stuur ons een mail met als onderwerpsregel "TVE" en in de tekst het instellingsnummer, het adres van de school en de naam van de aanvragende directeur of zorgleerkracht.
|
Werkwijze
- Bij alle leerlingen voegt men de tien extra vragen toe aan het gewone LVS Wiskunde Midden leerjaar (dat meestal uit 60 vragen bestaat).
- Van de leerlingen aangemeld door leerkrachten of ouders, en ook bij alle leerlingen die van de 10 extra vragen er minstens 5 correct beantwoordden, neemt men de resterende (meestal 50) vragen af van het LVS Wiskunde Midden leerjaar van een volledig jaar hoger.
- Alle leerlingen die op het LVS wiskunde van 1 jaar hoger nog steeds een CITO C, B of A score behalen, hebben grote nood
aan een aanpassing van hun leerstofaanbod voor wiskunde.
Eduratio stelt dit nieuwe screeningsinstrument gratis ter beschikking van de scholen. In ruil vragen wij dat de
scholen die dit nieuwe systeem in gebruik nemen, ons de volgende gegevens te bezorgen
voor elke leerling in elke klas waarin deze methode werd gehanteerd:
- nummer van het huidige leerjaar van de leerling (k=derde kleuterklas, 1-5=leerjaar)
- aantal correcte antwoorden op de 10 extra vragen
- het percentiel op de test LVS Wiskunde Midden leerjaar van het hogere leerjaar (voor de leerlingen die boven niveau getoetst werden)
- geboortedatum van de leerling
- geslacht (J/M) van de leerling
Een eenvoudige manier om de gegevens door te spelen is om dit Excel werkboek te downloaden, in te vullen en door te sturen op info@eduratio.be.
Op basis van de praktijkervaringen van de scholen zal EduRatio eventueel verbeteringen kunnen aanbrengen aan deze nieuwe methode.
Vragen uit LVS M1
Deze vragen, afkomstig uit LVS midden eerste leerjaar (M1), zijn toe te voegen aan de toetertesten in de derde kleuterklas.
Over te nemen vraag | Percentage correcte antwoorden inde normgroep |
| 2 | 44% |
| 3 | 58% |
| 9 | 75% |
| 13 | 81% |
| 20 | 76% |
| 24 | 69% |
| 28 | 58% |
| 34 | 55% |
| 39 | 67% |
| 41 | 57% |
Vragen uit LVS M2
Deze vragen, afkomstig uit LVS midden tweede leerjaar (M2), zijn toe te voegen aan de LVS Wiskunde testen van midden eerste leerjaar (M1).
Over te nemen vraag | Percentage correcte antwoorden inde normgroep |
| 2 | 50% |
| 9 | 49% |
| 20 | 55% |
| 28 | 61% |
| 32 | 71% |
| 40 | 70% |
| 42 | 50% |
| 43 | 55% |
| 52 | 42% |
| 59 | 55% |
Vragen uit LVS M3
Deze vragen, afkomstig uit LVS midden derde leerjaar (M3), zijn toe te voegen aan de LVS Wiskunde testen van midden tweede leerjaar (M2).
Over te nemen vraag | Percentage correcte antwoorden inde normgroep |
| 2 | 62% |
| 6 | 64% |
| 20 | 58% |
| 21 | 61% |
| 30 | 46% |
| 31 | 51% |
| 43 | 68% |
| 48 | 47% |
| 55 | 53% |
| 60 | 51% |
Vragen uit LVS M4
Deze vragen, afkomstig uit LVS midden vierde leerjaar (M4), zijn toe te voegen aan de LVS Wiskunde testen van midden derde leerjaar (M3).
Over te nemen vraag | Percentage correcte antwoorden inde normgroep |
| 8 | 74% |
| 11 | 53% |
| 19 | 57% |
| 24 | 50% |
| 26 | 62% |
| 38 | 52% |
| 43 | 52% |
| 47 | 65% |
| 53 | 54% |
| 58 | 54% |
Vragen uit LVS M5
Deze vragen, afkomstig uit LVS midden vijfde leerjaar (M5), zijn toe te voegen aan de LVS Wiskunde testen van midden vierde leerjaar (M4).
Over te nemen vraag | Percentage correcte antwoorden inde normgroep |
| 10 | 64% |
| 14 | 58% |
| 18 | 64% |
| 22 | 56% |
| 30 | 62% |
| 32 | 60% |
| 42 | 61% |
| 48 | 57% |
| 52 | 67% |
| 57 | 63% |
Vragen uit LVS M6
Deze vragen, afkomstig uit LVS midden zesde leerjaar (M6), zijn toe te voegen aan de LVS Wiskunde testen van midden vijfde leerjaar (M5).
Over te nemen vraag | Percentage correcte antwoorden inde normgroep |
| 5 | 67% |
| 9 | 56% |
| 17 | 77% |
| 22 | 61% |
| 29 | 62% |
| 34 | 59% |
| 42 | 55% |
| 48 | 54% |
| 54 | 63% |
| 56 | 64% |
|
|